recreatieve sporten

71 flashcards · Other · by Lieselotte de buck

  1. voorwaarden verdediger bij verdedigend doelen korfbal

    opgesteld staan tussen aanvaller en korf armlengte afstand van aanvaller met gestrekte armen kijken naar tegenstrever effectief trachten bal te blokkeren op iemand van zelfde geslacht

  2. verdedigd doelen korfbal

    = niet mogen scoren uit een verdedigende toestand

  3. niet toegelaten of fouten bij korfbal

    verplaatsen met bal in handen (pivoteren wel) bal uit handen slaan of trekken storend lichaamscontact (duwen of aan elkaar trekken) tot scoren overgaan vanuit verdedigende positie

  4. na eerste helft

    functiewissel (aanvallers en verdedigers) doelwissel (maar spelers blijven staan in hun vak)

  5. duur korfbal spel

    2x 8min met na eerste helft 3min strafworpen aan 1 korf

  6. terrein korfbal

    rechthoek 40m op 20m, verdeeld in 2 vakken van 20m op 20 m korfhoogte: 3m en 6,5m van achterlijn

  7. verschillen hockey en unihockey

    hoge ballen toegelaten vs hoge ballen verboden 10 spelers + 1 doelverdediger vs 5 spelers + 1 doelverdediger push, flat en shots vs enkel push waterveld vs handbalveld met balken op de zijlijnen contact met voet verboden vs contact met voet kan obstructie vs toegestaan om zicht tussen bal en speler te plaatsen

  8. team hockey

    10 spelers en 1 doelverdediger

  9. veiligheidsregels hockey

    stick niet boven de knie krul zoveel mogelijk grond laten raken nooit vrijwillig bal hoog houden nooit shot gebruiken op veld dat geen hockeyveld is

  10. bouw en opdeling hockeyveld

    100 yards op 50 yards verdeeld in 4 gelijke zones strokepunt= penaltystip cirkel= zone waaruit gescoord mag worden indien bal door aanvaller geraakt wordt

  11. fouten bij hockey

    kick obstructie gevaarlijke bal fysiek contact

  12. gevaarlijke bal

    (fout) Over algemeen wordt elke bal die boven het scheenbeen gespeeld wordt als gevaarlijk beschouwd. Er geldt een uitzondering voor een shot op doel waarbij het baltraject geen enkele speler kruist

  13. obstructie

    Het is verboden om een tegenstander te hinderen de bal te spelen door toegang tot de bal te verhinderen met zijn lichaam of stick

  14. shoot out

    Deze fase bestaat uit een 1 tegen 1 duel tussen aanvaller en doelverdediger. De aanvaller start vanaf de 25 yards lijn en krijgt 8 sec de tijd om een doelpunt te maken. Dit wordt gebruikt om wedstrijd met gelijkspel toch beslissend te maken.

  15. self pass

    wanneer het spel stilgelegd wordt na een foutieve actie of nadat bal veld verlaten heeft, is de speler niet verplicht een pas te geven aan een medespeler, hij mag ook zelf met de bal vertrekken

  16. backstick

    foutieve actie waarbij bal geraakt wordt met bolle kant van de stick

  17. strafcorner

    specifieke fase die volgt uit een fout door verdedigende team, gemaakt binnen de cirkel. de bal, aangegeven door de speler die zich op de achterlijn bevindt, wordt gespeeld in richting van andere aanvallers die aan rand cirkel staan opgesteld. 4 verdedigers dienen plaats te nemen op de doellijn en mogen deze verlaten in richting aanvallers vanaf dat bal in beweging komt.

  18. technieken korfbal

    strekworp met 2 handen of met 1 hand afstandsshot bovenhands of vanuit stand strafworp doorloopbal

  19. soorten korfbal

    monokorfbal beachkorfbal tweevakskorbal

  20. roughing

    te ruig spel

  21. cross checking

    als een speler wordt geraakt door de shaft van de stick

  22. illegal body checking

    als een speler wordt gechecked in de rug, boven de schouder, onder de heup of als de speler niet op 5m van de bal is

  23. slashing

    slaan naar de tegenstander met de stick

  24. illegal crosse/ gloves

    als de speler speelt met een verkeerde crosse of handschoenen

  25. unnecessary roughness

    onnodig ruig gedrag

  26. unsportsmanlike conduct

    onsportief gedrag zoals schelden

  27. tripping lacrosse

    tegenstander laten struikelen

  28. warding off

    als een speler die in bezit is van de bal de tegenstander of de stick van tegenstander met vrije hand probeert af te weren

  29. stalling

    als een speler de bal express vasthoudt om het spel te vertragen

  30. pushing

    duwen in de rug

  31. offsides

    als een verdedigende speler of een aanvallende speler zijn vak verlaat (bij outdoor lacrosse)

  32. interference of screening

    tegenhouden van tegenstander als deze niet in balbezit is of op 5m van de bal is

  33. holding

    tegenstander vasthouden

  34. persoonlijke fouten lacrosse

    tripping unsportsmanlike conduct unnecessary roughness illegal crosse of gloves slashing illegal body checking cross checking roughing

  35. technische fouten lacrosse

    holding interference/ screening offsides pushing stalling warding off

  36. materiaal lacrosse

    stick (1m bij aanvallers en 1m50 bij verdedigers en middenvelders) head of net van max 25 cm breed

  37. speelveld en spelers lacrosse

    indoor: 60 op 26m (6 tegen 6) outdoor: 100m op 50m verdeeld in 3 vakken (verdedigingsvak- middenveldvak- aanvalsvak) (10 tegen 10)

  38. bodychecking lacrosse

    toegestaan op heup en schouderhoogte. De bal moet dan overgespeeld worden.

  39. frisbee speelveld en spelers

    64 m op 37m + 2 doelgebieden van 18m op 37m 7 tegen 7

  40. beginworp frisbee

    de pull. Alle spelers moeten stilstaan op hun doellijn. Team dat gescoord heeft werpt schijf uit en gaat verdedigen en andere team raapt schijf op en gaat aanvallen

  41. tienseconden regel frisbee

    je moet de schijf binnen de 10sec afspelen

  42. brick regel

    Als het punt waar de beginworp over de zijlijn ging op minder dan 20m vd doellijn ligt, mag je verder spelen 20m vd doellijn ( in midden vh veld) schijfbezitter geeft dit aan door 'brick' te roepen voor hij schijf opraapt.

  43. scoren bij frisbee

    schijf is in als de ontvangende speler op moment van vangen in veld staat. Indien in de lucht is gevangen, moet de eerst geplaatste voet binnen het veld landen (voet op de lijn -> schijf is out)

  44. niet toegelaten of fouten bij frisbee

    lopen met de schijf (pivoteren wel) non contact sport schijf niet wegslaan of uit handen nemen niet in loopbaan speler van andere team gaan staan of lopen schijfbezitter mag slechts door 1 speler tegelijk verdedigd worden en die mag niet dichter dan 1 schijfdiameter komen

  45. schijfverlies bij frisbee

    onderschepping op de grond buiten de lijnen gevangen werper wordt uitgeteld (tiensecondenregel) schijf van hand tot hand doorgegeven eigen worp gevangen

  46. terrein en spelers gaelic footbal

    groot grasveld 130-145m op 80-90m met een H vormig doel (bovenkant doel= 1 punt, onderkant doel= 3 punten) (15 tegen 15: 1 goalkeeper 6 verdedigers 2 middenvelders en 6 aanvallers)

  47. manier van passen gaelic football

    slaan met de hand (onderhandse slag) of trappen met de voet (op de grond of in de lucht)

  48. technische fouten gaelic football

    meer dan 4 stappen met de bal in handen zonder dat deze grond/ voet raakt bal oprapen met handen (exl doelman) bal blijven stuiteren tegen de grond (dribbelen) bal opgooien en opvangen voor dat hij de grond, voet, een andere speler of het doel geraakt heeft bal uit hand tegenspeler trekken