Voorrang verlenen in verkeerssituaties
9 flashcards · Other · by LFX Broersma
Welke 3 voorrangsregels zijn er?
Geef op een gelijkwaardige weg altijd voorrang aan de bestuurders van rechts Rechtdoorgaand verkeer op dezelfde weg gaat voor afslaand verkeer Korte bocht gaat voor lange bocht
Welke voorrangsregel is er bij een tram?
Een tram altijd voorrang, behalve bij dieren (haaientanden en zebrapaden)
Welke twee regels gelden bij voorrang verlenen met een tegenligger, wanneer beide dezelfde verkeerstekens en borden hebben?
Korte bocht gaat voor lange bocht Rechtdoorgaand verkeer op dezelfde weg gaat voor afslaand verkeer
Welke 3 vragen stel je bij voetgangers voor laten gaan?
Zie je de voorkant --> ja Zie je de achterkant --> ja Zie de zijkant --> nee
Bij welke drie borden moet je voetgangers voor laten gaan?
Wat zijn de voorrangsregels op een onverharde weg?
Als je op een onverharde weg rijdt, moet je aan alle bestuurders van een verharde weg voorrang geven
Wie zijn zielige voetgangers
Voetgangers met een stok, looprek of rollator Geen rolstoel
Wanneer wilt een voetganger met een stok oversteken?
Als de stok in de lucht is Stok moet rode ringen hebben
Wat is een gelijkwaardige weg/kruising
Altijd geldt: geeft voorrang aan de bestuurders vanaf rechts Voorrang wordt niet geregeld door: verkeerslichten, verkeersborden en verkeerstekens