Tour 3 étape 2
56 flashcards · French · by Rojin Boyaci
de hulp
l’aide
een angst
une angoisse
een verdriet
un chagrin
een vertrouwelijke mededeling, geheim
une confidence
een (angst) aanval
une crise (d’angoisse)
een depressie
une dépression
de rouw
le deuil
een job, werk
un emploi
een evenwicht
un équilibre
het zelfrespect
l’estime de soi
een zwakte
une faiblesse
een gekte, dwaasheid
une folie
een kracht
une force
een traan
une larme
een obstakel, hindernis
un obstacle
de vrede
la paix
de paniek
la panique
een ooglid
une paupière
een gedachte
une pensée
de duim
le pouce
een psycholoog
un psychologue
de geestelijke gezondheid
la santé mentale
een scheiding
une séparation
de slaap
le sommeil
een behandeling
un traitement
beangstigend
angoissant, angoissante
egoïstisch
égoïste
mentaal, geestelijk
mental, mentale
doof
sourd, sourde
blokkeren
bloquer
in vertrouwen nemen
se confier à
deprimeren
déprimer
zich ontspannen
se détendre
lijden, afzien
souffrir
stresseren, stress hebben
stresser
vertrouwen hebben in
avoir confiance de
hard kloppen
hard kloppen
(iemand) vertrouwen
faire confiance à
een fysieke activiteit uitoefenen
pratiquer une activité (physique)
zorg dragen voor
prendre soin de
bij
auprès de
het geluk
le bonheur
blij
heureux
de vreugde
la joie
lachen
lachen
goed voelen over jezelf
se sentir bien dans sa peau
ongelukkig
malheureux
de pijn
la peine
huilen
pleurer
een slecht gevoel over jezelf hebben
een slecht gevoel over jezelf hebben
het ongeluk
le malheur
de tong
la longue
het hart
le coeur
de maag
l’estomac
de longen
les poumons
de tanden
les dents