microbiologie

21 flashcards · Other · by Anne Borggreve

  1. apatogheen

    veroorzaakt geen ziekte

  2. pathogeen

    veroorzaakt wel ziekte

  3. voorwaardelijk pathogeen

    veroorzaakt normaal geen ziekte maar kan dat wel onder bepaalde omstandigheden

  4. virulent

    de virulentie bepaald hoe ernstig de ziekte kan zijn

  5. simbionten

    waarbij twee verschillende soorten samenleven en interacties hebben die voor ten minste één van hen voordelig zijn.

  6. gegeneraliseerde infectie

    Een gegeneraliseerde infectie is een infectie die zich door het hele lichaam verspreidt

  7. aerosolen

    Aerosolen zijn kleine vaste of vloeibare deeltjes die in de lucht zweven. zoals als je niest

  8. aerogeen

    Een aerogene besmetting vindt plaats wanneer ziekteverwekkers, zoals bacteriën, virussen of schimmels, worden ingeademd via luchtdeeltjes of aerosolen.

  9. protozoen

    een cellig kern varieren in vorm/grootte

  10. schimmels/gisten

    meercellig besmet via de huid/luchtwegen/maagdarm

  11. bacterien

    dna celwand geen kern

  12. slapende bacterie

    een spore in de niet actieve vorm om te overleven in ongunstige omstandigheden

  13. steriliseren

    100 graden

  14. pasteuriseren

    15 minuten 72 graden

  15. gram positief

    paars

  16. gramnegatief

    rood

  17. antibioticum

    werkt alleen voor bacterien

  18. bactericide

    bacterie dodend

  19. bacteristatisch

    bacterie verzwakkend

  20. bacteriofaag

    virus die een specifieke bacterie kan doden