Farmaco: ANTIDEPRESSIVA
10 flashcards · Other · by Puck Christine van Elst
ANTIDEPRESSIVA: Antidepressiva Werkingsmechanisme Welke neurotransmitters Effect Evaluatie na Hoe lang continueren na herstellen Hoe stoppen
Werkingsmechanisme: snel toename van hoeveelheid neurotransmitters in synapsspleet (noradrenaline, serotonine, beetje dopamine). Effect pas na 2-4 weken, bijwerkingen direct. Evalueren effect na 6 maanden Hersteld? Minimaal 6 maanden continueren Stoppen? Langzaam afbouwen i.v.m. risico antidepressiva-onttrekkingssyndroom: slaapklachten, agitatie, angst
ANTIDEPRESSIVA: Antidepressiva Soorten (2)
Soorten: Tricyclische antidepressiva (TCA): remmen heropname van serotonine en noradrenaline. vb. amitriptyline, nortriptyline Serotonineheropnameremmers (SSRI): remmen heropname serotonine in presynaptisch neuron --> meer serotonine in synapsspleet vb. citalopram, fluoxetine, paroxetine
ANTIDEPRESSIVA: Antidepressiva Indicaties (3)
Indicaties: Matig ernstige depressie (TCA, SSRI) Angst-, paniek- en obsessief/compulsieve stoornissen (SSRI) Neuropatische pijn (TCA, niet geregistreerd)
ANTIDEPRESSIVA: Antidepressiva Bijwerkingen TCA (4, denk in grote groepen) Bij 3/4 ook blokkade receptor benoemen
Bijwerkingen TCA: Anticholinergisch (blokkade muscarinereceptor): visusstoornissen, droge mond, mictiestoornissen, obstipatie, seksuele disfunctie, verwardheid (delier bij ouderen) Deze staan op de voorgrond, vooral bij ouderen cognitief disfunctioneren en verwardheid. Nortriptyline minste bijwerkingen, dus voorkeur ouderen Antihistaminerg (blokkade histamine-1-receptor): sedatie, sufheid Voorkeur 's avonds innemen Antinoradrenerg (blokkade alfa-1-receptor): ortostatische hypotensie, valneiging…
ANTIDEPRESSIVA: Antidepressiva Bijwerkingen SSRI Serotoninepotentiëring Hyponatriëmie RR Behandeling Serotoninesyndroom RR Behandeling
Bijwerkingen SSRI: Gevolg van serotoninepotentiëring: trombocytopathie (bloedingen), GI-problemen, hoofdpijn, slapeloosheid, seksuele disfunctie, serotoninesyndroom, anorexie of gewichtstoename, SIADH (binnen 1 week)--> hyponatriëmie Bij hyponatriëmie: na 1 week: sufheid, verwardheid, misselijk RR hyponatriëmie: i.c.m. thiazidediureticum, infectie, oudere leeftijd, weinig intake eiwit en zout, vochtverlies, veel drinken Behandeling: vochtbeperking Bij serotoninesyndroom: agitatie, koorts, hyper…
ANTIDEPRESSIVA: Antidepressiva Interacties met bijwerkingen bij TCA (1) en SSRI (3)
Interacties bij TCA: Orthostase Antihypertensiva Diuretica Interacties bij SSRI: Hyponatriëmie Thiazidediuretica Bloedingsrisico NSAID (oplossing: dosisverlaging, PPI of vervanging voor selectieve cox-2 remmer) Serotonerg syndroom bij serotonerge middelen Lithium Tramadol Triptanen Tryptofaan Sint-janskruid
ANTIDEPRESSIVA: Stemmingsstabilisator Lithium Werkingsmechanisme Waar gefilterd en hoeveel % Therapeutische breedte RR intoxicatie
Werkingsmechanisme: antimanisch en antidepressieve werking. Wordt via nieren uitgescheiden 75% van gefilterde lithium wordt in proximale tubulus evenredig met natrium en water geresorbeerd Smalle therapeutische breedte (0.4-1.2 mmol/l) RR intoxicatie: onvoldoende water of vochtinname, overmatig zweten, nierfunctiestoornissen
ANTIDEPRESSIVA: Stemmingsstabilisator Lithium Indicaties (2)
Indicatie: Bipolaire stoornis Additie bij therapieresistente depressie
ANTIDEPRESSIVA: Stemmingsstabilisator Lithium Bijwerkingen (6)
Bijwerking: Iatrogene hypothyreoïdie (10-20% tragere werking) TSH functie periodiek bepalen GI-problemen Myoclonieën Diabetes insipidussyndroom --> polyurie en dorst Bij langdurig gebruik Nierfunctiestoornissen Regelmatige inname, voldoende water (2-3l/dag) 2-4x/jaar serum creat en lithiumspiegel bepalen Lithiumintoxicatie (>2 mmol/l) --> verwardheid, coma
ANTIDEPRESSIVA: Stemmingsstabilisator Lithium Interacties met bijwerking (1)
Interacties Hogere lithiumspiegels Diuretica NSAIDs RAS-remmers