leh 1 goederenrecht

42 flashcards · Other · by anouk terlouw

  1. goederen

    alle zaken + vermogensrechten

  2. zaken

    voor menselijke beheersing vatbare stoffen

  3. grenzen van het begrip zaak

    het woord stoffelijk doet uitkomen dat het woord object niet in de betekenis van onderwerp van gesprek, van gedachten of rechten moet worden opgevat maar in de betekenis van een concreet waarneembaar stoffelijk iets

  4. arrest beeldbrigade

    computerbestanden (op gegevens drager of via download) zijn zaken omdat sprake is van iets dat geïndividualiseerd is en waarover de koper feitelijke macht kan uitoefenen. En element stoffelijk is niet te vinden in bestanden zelf, maar in de gegevensdrager of computer waar ze op staan

  5. wat zijn vermogensrechten

    vermogensrechten zijn die rechten die: het zij afzonderlijk overdraagbaar zijn het zij tezamen met een ander recht overdraagbaar zijn hetzij ertoe strekken de rechthebbende stoffelijk voordeel te verschaffen het zij verkregen in ruil voor stoffelijk voordeel hetzij verkregen in ruil voor in het vooruitzicht gesteld stoffelijk voordeel. eigendomsrecht

  6. wat is goodwill

    meerwaarde van een bedrijf door het hebben van bijv een vaste klantenkring, kwaliteit en ligging van het bedrijf.

  7. is goodwill een vermogensrecht

    nee, want het is gelegen in een bepaalde feitelijke constellatie, die zich voor een groot deel aan de macht van de ondernemer onttrekt.

  8. hoe kan de waarde van de goodwill de goederenrechtelijke sfeer betreden?

    de waarde van goodwill is als overdrachtswinst belastbaar en er moet ook bij de verdeling van een huwelijksgoederengemeenschap rekening mee worden gehouden.

  9. belichaamde goodwill

    goodwill die onverbrekelijk verbonden is met de vermogensbestanddelen van de onderneming en die tot uitdrukking komt in de meerwaarde van die vermogensbestanddelen in hun geheel bij de voortzetting van de onderneming boven de waarde van de afzonderlijke vermogensbestanddelen. heeft geen zelfstandige goederenrechtelijke status want gaat op in de goederen en geeft die een meerwaarde.

  10. welke twee goodwills volgens hr

    belichaamde goodwill, onbelichaamde goodwill

  11. onroerende goederen

    de grond de nog niet gewonnen delfstoffen de met de grond verenigde beplanting gebouwen en werken die duurzaam met de grond verenigd zijn, hetzij rechtstreeks, hetzij door vereniging met gebouwen of andere werken.

  12. wanneer is iets duurzaam met de grond verenigd?

    bepalend is of het naar aard en inrichting bestemd is om duurzaam ter plaatse te blijven. Daarbij lettend op de bedoeling van de bouwer/opdrachtgever voor zover die naar buiten toe kenbaar is. En letten op de verkeersopvatting, hoewel geen zelfstandige maatstaf. De technische mogelijkheid om het te verplaatsen speelt geen rol.(Portocabin)

  13. vereisten om register goed te zijn

    er moet een register zijn waarin de vestiging of overdracht van het goed kan worden ingeschreven. register moet openbaar zijn inschrijving in het register moet voor de vestiging of overdracht constitutief zijn, oftewel die vestiging of overdracht treedt pas in door inschrijving.

  14. hoe wordt bepaald of een zaak een bestanddeel is van een andere zaak

    door de verkeersopvatting. bepalend is wat men in het algemeen vindt, kan algemene NLer zijn, of opvatting binnen een meer gespecialiseerde groep waar de zaken worden gebruikt.

  15. fysiek criterium bestanddeel

    kan een zaak niet van een andere - als hoofdzaak te beschouwen- zaak worden losgemaakt zonder aan 1 der zaken schade van betekenis toe te brengen, dan is zij bestanddeel van de hoofdzaak. hieraan voldaan? --> GEEN onderzoek verkeersopvatting niet aanvoldaan? --> onderzoek verkeersopvatting

  16. natrekking

    Het verschijnsel dat een voorwerp zijn zakenrechtelijke zelfstandigheid verliest doordat het bestanddeel wordt van een andere zaak.

  17. zaaksvorming

    wanneer van meerder voorwerpen een voorwerp met een geheel nieuwe identiteit wordt gevormd.

  18. zakenrechtelijk gevolg natrekking

    het bestanddeel volgt in alle opzichten het lot van de hoofdzaak. het bestanddeel behoort dus ook tot eigendom van die hoofdzaak.

  19. natrekking roerende zaken

    kan niet worden doorbroken

  20. scheiding eigendom

    opstal

  21. economische vruchten

    bijv dividend uit een aandeel of vordering die een periodieke rente oplevert.

  22. wanneer is iets een vrucht?

    verkeersopvatting, behalve bij termijnen lijfrente die gelden als vrucht volgens de wet

  23. hereditatis petitio

    actie waarmee erfgenamen de nalatenschap als geheel kunnen opvorderen. goederenrechtelijke behandeling van de nalatenschap als eenheid

  24. soorten toekomstige goederen

    absoluut en relatief

  25. absoluut toekomstige goederen

    Dit zijn goederen die als zodanig in het geheel nog niet bestaan.

  26. relatief toekomstige goederen

    bestaande goederen waarover men nog niet beschikt, terwijl men wel verwacht die beschikking te eniger tijd te zullen krijgen.

  27. gemeenschappelijke kenmerken rechten boek 3 en 5

    rechten op goederen werken tegenover iedereen verschaffen gerechtigde een separatistpositie in faillissement

  28. relatieve rechten

    rechten die slechts tegen een afgebakende groep personen gelden en in faillissement in de regel gelijk rang innemen.

  29. absolute rechten

    werken tegenover iedereen en verschaffen separatistpositie in faillissement.

  30. zakelijke rechten

    = absolute rechten

  31. beperkt recht

    is afgeleid uit een meeromvattend recht, hetwelk met dat beperkte recht is bezwaard.

  32. wat zijn vorderingen

    relatieve rechten vermogensbestanddelen kunnen goederenrechtelijk worden vervreemd of bezwaard

  33. wat is een vordering op naam

    elke vordering die niet door middel van het opmaken van een daartoe strekkend papier tot order of toondervordering is gemaakt

  34. wat zijn oorder-toondervorderingen

    vorderingen waarbij sprake is van vervangbaarstelling van de crediteur op voorhand.

  35. is het eigendomsrecht onbeperkt?

    Nee, art. 5:1 lid 2

  36. wat zijn de kenmerken van het eigendomsrecht

    eigendom is het meest omvattende recht (volledigst) dat iemand op een zaak kan hebben. eigendom is NOOIT een dochterrecht eigendom bergt in kiem alle zakelijke rechten in zich bevoegdheden van de eigenaar vormen een eenheid absolute karakter en droite de suite (volgt de zaak waarop het berust)

  37. positieve eigendomsgarantie

    art. 1 eerste protocol EVRM

  38. is er positieve eigendomsgarantie in NL?

    ja door de rechtstreekse werking van art. 1 eerste protocol EVRM

  39. economisch eigendom

    het niet zijn van juridisch eigenaar, heeft als goederenrechtelijk begrip geen zelfstandige betekenis

  40. goederenrechtelijke rechtsvorderingen mbt eigendom

    revindicatie declaratoire uitspraak vorderen

  41. wat kan gedeposseerde eigenaar doen?

    revindicatie art. 3:296 jo art. 5:2 onrechtmatige daads actie moderne actio negatoria (vordering tot handhaving van de vrijheid van eigendom)

  42. moderne actio negatoria

    vordering tot handhaving van de vrijheid van eigendom --> goederenrechtelijke actie waarmee de eigenaar kan optreden tegen niet met despossering gepaard gaande inbreuken op zijn eigendomsrecht