arresten goederenrecht
27 flashcards · Other · by anouk terlouw
Breda/Antonius
Wie is de eigenaar van de in opdracht & materialen van een ander gemaakte nieuwe zaken? heeft de opdrachtnemer voor zichzelf gevormd of voor de opdrachtgever doen vormen? afhankelijk van de rechtsverhouding in het licht van de verkeersopvatting, waarbij een rol spelen de mate van invloed op de wijze van productie en vormgeving voor wiens risico worden de nieuwe gevormde zaken vervaardigd.
Hinck v/d Werf Visser (love Love)
van zaaksvorming is sprake wanneer er een nieuwe zaak met een nieuwe identiteit is gemaakt. of er sprake is van een nieuwe identiteit moet worden beoordeeld aan de hand van de verkeersopvattingen. de koper van een onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaak kan bevoegd zijn over de zaak te beschikken, ook al heeft hij de koopprijs nog niet betaald. of hij beschikkingsbevoegd is hangt af van wat partijen expliciet en impliciet zijn overeengekomen. zaak bestemd voor doorverkoop? betekend niet dat de…
Hollanders Kuiken Boerderij
wanneer natuurkrachten planmatig en doelbewust worden ingezet om tot een nieuwe vorm van een zaak te komen, is er sprake van zaaksvorming. degene die een eigendomsvoorberhoud heeft op eieren, wordt dus geen eigenaar van de kuikens. een verlengd eigendomsvoorbehoud op toekomstige zaken is niet mogelijk.
Glencore
wanneer een van de vermengde zaken als hoofdzaak is aan te wijzen, omvat het pandrecht dat rustte op de hoofdzaak nu ook bestanddelen. rustte het pandrecht niet op de hoofdzaak? dan vervalt het pandrecht als de zaak door vermenging bestanddeel wordt van de hoofdzaak. een zaak kan als hoofdzaak worden aangewezen indien de waarde van deze zaak die van de andere zaken aanmerkelijk overtreft, of indien een van de vermengde zaken op grond van de verkeersopvatting als hoofdzaak kan worden aangemerkt.…
teixeira de mattos
wanneer iemand zijn eigendomsrecht op een zaak uit een hoeveelheid soortgelijke zaken erkend wil zien, moet hij precies en nauwkeurig kunnen aantonen welke zaak aan hem toebehoort. moet te onderscheiden zijn van andere zaken moet voldoende identificeerbaar zijn
Ontvanger c.s. / Brink qq
executie is overdracht. als gevolg hiervan verlaat het geexecuteerde goed het vermogen van de geexecuteerde niet eerder dan nadat levering heeft plaatsgevonden. Gaat de geëxecuteerde voor de levering failliet? dan heeft het faillissement tot gevolg dat de levering niet meer rechtsgeldig kan plaatsvinden.
Blaauboer /Berlips
De persoonlijke verplichtingen van een goed gaan niet over op degene die dat goed onder bijzondere titel verkrijgt. De persoonlijke rechten tav een goed gaan wel over op de verkrijger onder bijzondere titel. Dit is een kwalitatief recht.
hoogovens/matex
de enkele omstandigheid dat de derde-verkrijger op de hoogte is van het feit dat er een eigendomsvoorbehoud bestaat, hoeft nog niet mee te brengen dat die derde-verkrijger niet te goeder trouw is. dat is het geval wanneer die derde-verkrijger geen reden heeft om te twijfelen aan de normale afwikkeling van de koopovereenkomsten tussen degene die onder eigendomsvoorbehoud geleverd heeft gekregen en de vervreemder.
rabobank / reuser
een koper die een zaak onder eigendomsvoorbehoud geleverd heeft gekregen, kan zijn aanspraak op de verwerving van de eigendom bij betaling van de koopprijs, als een bestaand goed overdragen. een koper van een onder eigendomsvoorbehoud geleverde zaken kan een geldig pandrecht vestigen op zijn voorwaardelijk eigendomsrecht. dat voorwaardelijke eigendomsrecht kan na faillissement van de koper, door bijv betaling van de pandhouder aan de vervreemder, uitgroeien tot een volledig eigendomsrecht en he…
W.U.H./Emmering qq
een vordering is toekomstig als het ontstaan van deze vordering afhankelijk is van een onzekere, toekomstige gebeurtenis. omdat het onzeker is of in de toekomst nog gehuurd zal worden / huurgenot wordt verleend, zijn huurvorderingen als toekomstig aan te merken. gecedeerde huurtermijnen die na de dag van faillissement verschijnen, zijn aan te merken als toekomstige vorderingen.
Keereweer/Sogelease
rechtsvraag: levert iedere overeenkomst in het kader van een financieringsconstructie (sale & lease-back) op grond van art. 3:84 lid 3 (fudiciaverbod) een nietige titel op? indien een overdracht enkel tot doel heeft een schuldeiser zekerheid te verschaffen boven andere schuldeisers, zonder dat daadwerkelijke overdracht beoogd wordt, is de titel voor overdracht op grond van art. 3:84 lid 3 niet geldig en komt er geen overdracht tot stand. --> bepalen door uitleg van de overeenkomst tussen partij…
Oryx/ van Eesteren
het is mogelijk om dmv van een partijafspraak een vordering goederenrechtelijk onoverdraagbaar te maken in de zin van art. 3:83 lid 2. als partijen met zoveel woorden hebben afgesproken, door uitleg vast te stellen, dat een tussen hen bestaande vordering onverpandbaar is, dan komt geen geldig pandrecht op die vordering tot stand.
Coface/Intergamma
uitgangspunt is dat een onoverdraagbaarheidsbeding in beginsel verbintenisrechtelijke werking heeft, tenzij uit naar de objectieve maatstaven uit te leggen formulering blijkt dat daarmee goederenrechtelijke werking in de zin van art. 3:83 lid 2 is bedoeld.
Rabobank/ Ten Berge qq
een goederenrechtelijk onoverdraagbare vordering is ook onverpandbaar: beperkte rechten kunnen alleen gevestigd worden op een zelfstandig en overdraagbaar recht (art. 3:228). Ook schakelbepaling.
Rabobank/Kézér
een stil pandrecht van een rekeninghouder aan de bank op vorderingen die hij als rekeninghouder op zijn bank val verkrijgen als gevolg van storting van gelden door derden op zijn bankrekening is NIET mogelijk omdat omdat de betalingen van derden niet rechtstreeks voortvloeien uit een ten tijde van het vestigen van het stilpandrecht bestaande rechtsverhouding.
depex / curatoren
Voor de beantwoording van de vraag of apparatuur volgens verkeersopvatting onderdeel uitmaakt van een gebouw, dient men te beoordelen of de apparatuur en het gebouw in constructief opzicht specifiek op elkaar zijn afgestemd, dan wel of het gebouw in algemene zin bij het ontbreken van de apparatuur als onvoltooid moet worden beschouwd (denk aan leidingen, verlichting, verwarming, etc.). Het gaat hierbij niet om de vraag of het productieproces dat in het gebouw wordt uitgeoefend zonder de desbetr…
Portocabin arrest
De Hoge Raad geeft vervolgens de volgende criteria die van belang zijn om te bepalen of een gebouw duurzaam met de grond is verenigd: a. Een gebouw kan duurzaam met de grond verenigd zijn in de zin van art. 3:3 BW, doordat het naar aard en inrichting bestemd is om duurzaam ter plaatse te blijven. Niet van belang is dan meer dat technisch de mogelijkheid bestaat om het bouwsel te verplaatsen. b. Bij de beantwoording van de vraag of een gebouw of een werk bestemd is om duurzaam ter plaatse te bli…
Woonark arrest
Dit was niet het geval omdat het hier gaat om een zaak die blijkens de constructie bestemd is om te drijven en drijft, zodat er sprake is van een schip in de zin van (8:1 BW). Een schip is in het algemeen een roerende zaak. De verbinding tussen het schip en de bodem was zo gemaakt dat het schip met de waterstand kon bewegen. Hierdoor is het schip niet met de bodem verenigd
kabelarresten
havenkranen
Vanwege het feit, dat de kranen blijkens hun constructie bestemd zijn om zich op het land te bevinden en dat zij (indirect via rails) ook feitelijk in voortdurende verbinding staan met de onder de kranen gelegen grond, oordeelt de Hoge Raad dat deze kranen onroerende zaken zijn
spaarbank rivierenland / Gispen qq
In het wettelijk stelsel ligt met betrekking tot de overdacht van vorderingen op naam het vereiste besloten dat de vordering ten tijde van de levering in voldoende mate door de cessieakte wordt bepaald. Voldoende is dat de akte zodanige gegevens bevat dat, eventueel achteraf, aan de hand daarvan kan worden vastgesteld om welke vordering het gaat.
Uitslag / Wolterink
Het enkele feit dat de caravan niet duurzaam met de grond was verenigd, is niet voldoende om de bescherming van art. 3:86 lid 3 BW te ontkennen. De caravan kan in dit geval voor de bescherming van art. 3:86 lid 3 BW in het licht van de omstandigheden van het geval met een onroerende zaak gelijk gesteld worden.
Potharst/Serrée
Dat een vestiging van een stil pandrecht bij voorbaat niet werkt tegen een zaak waarop een voorbehouden stil pandrecht is gevestigd, omdat het goed nooit vrij van het voorbehouden pandrecht in het vermogen van de pandgever is gekomen en dus ook nooit vatbaar is geworden voor verpanding bij voorbaat. Ook niet als de vestigingshandelingen van het pandrecht bij voorbaat van vroeger datum zijn dan die van het voorbehouden stil pandrecht (prioriteitsregel).
Dix qq / ING
Vorderingen kunnen rechtsgeldig worden verpand met een verzamelpandakte, waarbij de bank optreedt als gevolmachtigde van de – slechts generiek omschreven – pandgevers. Dat de namen van de pandgevers in de verzamelpandakte niet zijn vermeld, maakt de vorderingen niet onvoldoende bepaald in de zin van art. 3:84 lid 2 BW. Wel moet de datering van de stampandakte en het volmachtbeding vaststaan.
Mulder qq / CLBN
De strenge regels van art. 54 Fw gelden niet in geval de op de bij de bank aangehouden bankrekening binnengekomen betalingen (door debiteuren van de kredietnemer) betrekking hebben op vorderingen die (door de kredietnemer) aan de bank zijn verpand. In dat geval kan de bank deze schuld aan de kredietnemer wél verrekenen met de vordering die zij heeft op de kredietnemer, ongeacht of de betaling op de bankrekening is ontvangen na faillissement of vóór faillissement waarbij de bank niet te goeder t…
ING / Gunning qq
De curator moet de pandhouder een redelijke termijn (14 dagen) geven om mededeling te doen van pandrecht aan debiteuren. Curator mag dan mededeling niet frustreren door zelf mededeling te doen aan debiteuren
Ontvanger/De jong qq
Een beslag leidt niet tot beschikkingsonbevoegdheid van degene ten laste van wie dat beslag is gelegd, en staat dus ook niet in de weg aan overdracht van de beslagen zaak aan een derde. De regel van art. 453a lid 1 Rv dat een na de inbeslagneming tot stand gekomen vervreemding niet tegen de beslaglegger kan worden ingeroepen, brengt mee dat de beslaglegger bevoegd blijft zijn door de inbeslagneming ingeleide uitoefening van zijn recht zich op de in beslag genomen zaak te verhalen voort te zette…