E. ANTIDEPRESSIVA

22 flashcards · Other · by hannahterlinden

  1. Wat is amytriptiline en hoe werkt het?

    Amytriptiline is een SSR en remt de heropname van serotonine en noradrenaline

  2. Is nortryptiline een metaboliet van amytriptyline

    Ja, en het remt meer noradrenaline

  3. Noem voorbeelden van SSRI's

    Citalopram Fluoxetine Paroxetine Remt de heropname van seroyonine. Pas na 3 weken helpt het bij depressie

  4. Wat zijn indicaties voor een TCA

    depressies neuropatische pijn

  5. Wat zijn indicaties voor SSRI's

    Depressie Angststoornissen OCD

  6. Noem bijwerkingen van TCA's

    Anticholinerge werking: Droge mond Obstipatie Urineretentie Verwardheid Antihastaminerg Sedatie Antinoradrenerg: Orthosatische hypotensie Kidineachtige werkingen Ritmestoornissen

  7. Welke twee andere middelen in combinatie met TCA's geven een verhoogde kans op orthostase

    Diuretica Antihypertensiva

  8. Wat zijn bijwerkingen van SSRI's?

    SIADH (na 1w) -> hyponatriëmie (verhoogd bij thiazidediuretica): sufheid, verwardheid en misselijkheid: behandeling middels vochtbeperking. trombocytopenie SSRI + NSAID: verhoogd bloedingsrisico serotoninesyroom (agitatie, koorts, hyperreflexen): vaak bij tramadol > diazepam en hyperthermie maag-darmklachten hoofdpijn anorexie/gewichtstoename slapeloosheid aggitatie Seksuele disfunctie

  9. Welke TCA heeft de voorkeur bij ouderen?

    Nortriptyline

  10. Wanneer is een TCA gecontra-indiceerd en waarom?

    Na een MI, omdat er ritmestoornissen veroorzaakt kunnen worden door een TCA

  11. Op welk moment van de dag geef je liever een TCA?

    In de avon, vanwege het antihistaminerge karakter (= versuffend)

  12. Wat zijn bij een SRRI risicofactoren voor hyponatriëmie?

    combineren met thiazidediuretica infectie oudere leeftijd weinig intake van eiwit en zout Diarree/zweten veel drinken

  13. Welke middelen kunnen in combinatie met een SSRI zorgen voor serotonerg syndroom?

    Tramadol Lithium St. Janskruid Triptanen Tryptofaan

  14. Hoelang dient een patient antidepressiva te slikken?

    6 maanden: telkens na 6 maanden herevalueren.

  15. Waarom moet antidpressiva worden afgebouwd?

    Antidepressiva-ontrekkingssyndroom (slaapklachten, aggitatie angst). Indien dat niet lukt, kan je fluoxetine proberen.

  16. Wanneer wordt lithium gegeven?

    Bij een bipolaire stoornis

  17. Hoe wordt lithium uitgescheden?

    75% via de nieren

  18. Wat moet er met lithium gebeuren?

    De waarden in het bloed moet gechekt worden.

  19. Wat gebeurd er indien iemand lithium slikt en deze persoon drinkt onvoldoende?

    Omdat het interacteert met natrium, kan er een intoxicatie ontstaan. Dit risico wordt vergroot bij nierfuntiestoornissen.

  20. Welke zaken zorgen voor een verhoogde lithiumbloedspiegel?

    Dehydratie Diuretica NSAIDS RAS-remmers

  21. Wat zijn de klachten met een verhoogde lithiumbloedspiegel?

    misselijkheid diarree tremoren myoclonieen epileptische insulten

  22. Welk middel wordt graag voorgeschreven bij suicidaliteit?

    Nortriptyline